Midwinterfeest

Joel (Yule) het Oud Germaanse Midwinter (Zonnewende) feest

Joel was een belangrijk evenement in de Germaanse samenleving. Het liep tegen het einde van het jaar, het licht kwam weer terug! Maar Joel had een dubbele betekenis. Het was naast het einde van het oude jaar, de geboorte van een nieuw jaar. Midwinter, de langste nacht van het jaar was daarbij het keerpunt. Na die lange nacht werden de dagen langer en de nachten gelukkig steeds korter. Er werden offers aan de goden gebracht om een goede oogst voor het komende jaar te garanderen. Aan de andere kant was het ook een feest van het ´oude´ Overleden familieleden konden in deze tijd weer op bezoek komen. Net als bij de Kelten had deze terugkeer van de doden tijdens midwinter ook een keerzijde. Niet alles wat terugkeerde uit het dodenrijk was vriendelijk, trollen, demonen en ander addergebroed bereikten ook de aarde. Vuren en magische spreuken hielden het ´kwade´ op afstand.


Eindelijk weer Licht!

Bron: Hans, Pixabay

Joel is het feest van het Licht. Een belangrijk symbool in de Indo-Germaanse cultuur is het Zonnerad. Tijdens het Midwinterfeest werden zonnewielen gemaakt van dennentakken en aangestoken, om het licht van de nieuwe zon aan te trekken. De vuren werden extra opgestookt en een brandend Zonnerad gemaakt van takken, werd over de akkers geduwd. Dit brandend rad stelde de zon voor die eindelijk weer aan kracht begon te winnen. Op grote vuren werden offers gebracht aan Freyer, de God van Licht & Groei en aan zijn zuster Freya de godin van de Vruchtbaarheid. Het waren waarschijnlijk vooral everzwijnen die het leven lieten als offer voor deze grote goden.
.

Brandend Zonnerad

Het Joelblok

Het Joelblok wordt op de vuurplaats aangestoken. Een blok eikenstam wordt zorgvuldig uitgezocht en  aangestoken met een stukje van het blok van de voorgaande jaar. Het moest de hele Joel blijven branden. Het blok had magische krachten.
Eden gezworen bij een Joelblok konden niet gebroken worden en al het boosaardig gespuis werd buitengehouden door de warmte en het licht van het blok. Het vuur werd iedere nacht bewaakt door een familielid, want een uitgedoofd blok bracht groot onheil voor het komende jaar. Het Joelblok was meestal een enorm stuk eikenboomstam, want het moest dagenlang blijven branden.

Dit ritueel was gebruikelijk tot het einde van de 18e eeuw. Men hoopte hiermee de eigen woning te beschermen tegen brand en bliksem. Het in de haard leggen van het joelblok werd gewoonlijk gedaan door de heer des huizes. Hierna werd het hout eerst overgoten met zout, bisschopswijn en olie. Vervolgens was het aan de vrouw des huizes of een dochter om het vuur aan te steken. Dit laatste diende te gebeuren met behulp van overgebleven stukjes hout die afkomstig waren van het joelblok van het afgelopen jaar. Het hout dat na het verbranden overbleef, werd dan weer bewaard voor het volgende jaar.

Ook heden ten dage leeft het joelblok rond Kerst nog voort in allerlei gebak in de vorm van een boomstam (de kerststronk)
‘.

.

Joel, de naam zegt het al


Eigenlijk was de Joel ook een soort vakantie, het werk was gedaan. De oogst lag opgeslagen en het was tijd om even uit te rusten. ´Joelen´ de naam zou het al zeggen, wie ´joelt´ maakt veel lawaai, springt uit de band. Er werd gedronken in de donkere Joelnachten en daardoor kwam de stemming er waarschijnlijk goed in. Maar er was nog een reden voor dat lawaai. Angst zorgde ook voor veel ´joelen´. Demonen loerden op de Germanen en herrie, heel veel herrie, hield ze misschien buiten de deur. Of dit de goede vertaling is voor de naam ´Joel´ is onduidelijk. Het zou ook kunnen verwijzen naar het oud-Noorse woord voor wiel, Hjól (het zonnerad) of verwijzen naar één van de namen van de grote Germaanse god Odin.


Sommige van de Joel gebruiken leven voort in onze Kerstviering

Bron: Areumlim, Pixabay

In de 4e eeuw wordt het Joelfeest gekerstend. De christelijke kerk had natuurlijk weinig op met de heidense gebruiken maar wist uit ervaring dat het moeilijk was deze oeroude tradities aan de kant te zetten. Joel was het feest van het licht en Jezus voor de christenen het ‘licht van de wereld’. De Joeltijd werd een geboortefeest, de geboorte van een kind. Veel gebruiken uit de Joeltijd werden ‘ingepast’ in het christelijke feest. Het zonnerad werd een adventskrans en de meute van de Wilde Jacht werd misschien wel de Kerstman.
                               

De kerstboom heeft waarschijnlijk weinig met de Joel van toen te maken, maar groenblijvende struiken hebben dat wel. Tijdens de Joel werd groene takken in huis gehaald en soms versierd met noten. De takken symboliseerden een vruchtbaar nieuw jaar. De kerstboom van nu heeft daar weinig mee te maken. Een dennenboompje (spar) heeft nooit in een heidens huishouden staan glinsteren. Onze voorouders zagen meer in de eik en waarschijnlijk hebben ze die ook wel met vruchtbaarheidssymbolen versierd of er offers aan gebracht, maar hij bleef wel buiten de deur.

Vrede op aarde. Het lijkt een door en door christelijke boodschap maar al ver voor de kerstening was dit ook een element van de Joel. Joel was een tijd om te rusten, om offers te brengen om eden te zweren bij het Joelblok en om de vrede te bewaren. Tijdens de Joel zorgde je voor een vruchtbaar jaar en veel wat tijdens de Joel gebeurde bepaalde het komende jaar. Wanneer je niet voldoende offers bracht zouden de goden misschien zorgen voor een slechte oogst. Lukte het je niet om het vuur brandende te houden dan kwamen de demonen je halen. Oorlog en ruzie was ook een slecht voorteken voor het jaar dat eraan kwam. Vrede op aarde dus.


© 2016 - 2022 Stadsdiakonaat Delft - wilt u een stukje overnemen van onze site? Neem contact op.